01.
Onze website gebruikt cookies om goed te functioneren en een betere gebruikerservaring te bieden. Je kunt ervoor kiezen om cookies te accepteren of te weigeren, afhankelijk van je voorkeuren.
01.
Wie zich niet aan de verkeersregels houdt, begaat ofwel een overtreding of een misdrijf (een strafbaar feit waarvoor een gevangenisstraf mogelijk is). De straffen kunnen uiteenlopen van een boete, een rijontzegging, een taakstraf of, in uitzonderlijke gevallen, zelfs een onvoorwaardelijke gevangenisstraf.
Tot de verkeersdelicten behoren: rijden onder invloed (art. 8), gevaarlijk verkeersgedrag (art. 5), joyriding (art. 11), snelheidsovertredingen en de gevolgen van ongevallen. Bij AAG ≥ 571 µg/L of BAG ≥ 1,31‰, bij weigering van onderzoek of bij 50 km/u te hard wordt het rijbewijs doorgaans ingevorderd. Er zijn geldboetes, taakstraffen en een rijontzegging mogelijk (tot 5 jaar, bij recidive tot 10); art. 5 straft gevaarzetting met hechtenis tot 2 maanden of € 3.800 en een rijontzegging van 2–4 jaar. Joyriding kan leiden tot hechtenis tot 6 maanden en schadevergoeding. Het CBR kan onderzoek doen (alcohol/drugs, medisch, rijvaardigheid) en LEMA/EMA/EMG opleggen; weigering kan tot ongeldigverklaring leiden. In bepaalde gevallen is ook inbeslagname van het voertuig mogelijk. Tegen inhouding kun je klagen; de rechter kan voorlopige teruggave bevelen.
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) kan - los van het strafrechtelijke traject - een administratieve procedure tegen jou starten wanneer uit een melding van de politie en vastgestelde feiten volgt dat er een risico is voor de verkeersveiligheid. Veelvoorkomende redenen zijn rijden onder invloed van alcohol, drugs of medicijnen die de rijvaardigheid verminderen, betrokkenheid bij een ernstig ongeval, zeer forse snelheidsovertredingen, herhaaldelijke overtredingen of een vermoeden van afhankelijkheid. Het CBR beoordeelt dan of je nog aan de eisen van rijgeschiktheid en rijvaardigheid voldoet. Het starten van de procedure betekent niet automatisch een sanctie, maar tot de beslissing kunnen beperkingen gelden. Je ontvangt een brief met grondslag en vervolgstappen - reageer tijdig en houd je correspondentie-adres actueel; uitblijven van reactie kan leiden tot een besluit zonder jouw inbreng.
In de praktijk hanteert het CBR drie onderzoekslijnen. Het onderzoek alcohol/drugs brengt in kaart of, en onder welke omstandigheden, middelengebruik je rijvaardigheid beïnvloedt; dit omvat anamnese, documentatie en zo nodig toxicologisch onderzoek. Het medisch onderzoek beoordeelt je rijgeschiktheid (bijv. aandoeningen, medicatie, episodes van bewustzijnsverlies). De rijvaardigheidstest is een praktische proef achter het stuur. Het CBR plant datum en locatie; jij moet meewerken, een geldig identiteitsbewijs meenemen en op tijd verschijnen. Weigering, te laat komen of onverklaard wegblijven geldt als negatief resultaat en kan leiden tot ongeldigverklaring of schorsing. Na afloop ontvang je een gemotiveerd besluit met de vervolgstappen, zoals een educatieve maatregel of extra examen. Onthoud: het gaat om verkeersveiligheid, niet om schuld in de strafzaak.
Afhankelijk van de uitkomst kan het CBR educatieve maatregelen opleggen. Dit zijn verplichte, door jou te betalen trajecten naast het strafrecht: LEMA (Lichte Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer) bij minder zware gevallen, EMA (Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer) bij hogere waarden of verzwarende omstandigheden, en EMG (Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer) bij gevaarlijk verkeersgedrag en grove snelheidsovertredingen. Deelname vergt aanwezigheid bij alle sessies, eigen opdrachten en naleving van nuchterheidsregels. Wegblijven, voortijdig stoppen of onvoldoende resultaat kan leiden tot ongeldigverklaring van je rijbewijs tot je opnieuw aan de eisen voldoet en het programma afrondt. Planning en voorwaarden stelt het CBR; niet tijdig betalen wordt als weigering aangemerkt.
CBR-besluiten raken je administratieve bevoegdheden: zo kan een tijdelijke schorsing of ongeldigverklaring volgen wanneer je niet aan de eisen voor veilig rijden voldoet. Deze maatregelen vervangen geen strafrechtelijk oordeel, maar lopen parallel en kunnen doorlopen zelfs als de strafzaak gunstig eindigt. Voor herstel moet je aantonen dat je opnieuw voldoet: verplichte cursussen afronden, medische stukken overleggen en zo nodig een rijvaardigheidstest of extra examen halen. Soms volgen aanvullende voorwaarden, zoals periodieke controles. In het besluit staan termijnen en rechtsmiddelen - handel snel, want uitstel verlengt de periode zonder rijbevoegdheid. Rijden tijdens schorsing leidt tot nieuwe sancties; verifieer dus vóór je weer gaat rijden of je status is bijgewerkt en alle CBR-verplichtingen zijn voldaan.
Je mag tegen het CBR-besluit bezwaar maken. Dien binnen de genoemde termijn - doorgaans 6 weken - je bezwaar in. Heb je meer tijd nodig, dien dan een pro forma bezwaar in en vul dit aan nadat je het dossier en (medische) adviezen hebt gekregen. Noem onjuistheden in de feitenvaststelling en voeg bewijs toe: medische verklaringen, testuitslagen, cursusbewijzen en andere stukken die je geschiktheid en rijvaardigheid aantonen. Is het besluit direct uitvoerbaar, vraag dan, indien nodig, om schorsing van de tenuitvoerlegging totdat er is beslist. Houd de termijnen en post in de gaten: juist die bepalen hoe snel je terug de weg op kunt. Blijft het CBR bij zijn standpunt, dan staat beroep bij de bestuursrechter open. Juridische bijstand vergemakkelijkt inzage, tegenonderzoek en het onderbouwen dat het risico is weggenomen.
Joyriding is in Nederland strafbaar gesteld in art. 11 Wegenverkeerswet 1994. Deze bepaling verbiedt het opzettelijk, wederrechtelijk gebruiken van een aan een ander toebehorend motorrijtuig op de weg. Pleeg je dit feit, dan riskeer je een gevangenisstraf tot 6 maanden en/of een geldboete tot 7.600 €. Naast straf kan je worden verplicht de schade aan de eigenaar te vergoeden. Voor minderjarigen is een buitengerechtelijke afdoening vaak cruciaal, omdat die een registratie in het strafblad en problemen op school of werk kan beperken. De politie mag je aanhouden en verhoren; het Openbaar Ministerie beoordeelt de zaak. Een veroordeling levert een aantekening op in de justitiële documentatie. De rechter kan ook een taakstraf of rijontzegging opleggen. Actieve schadevergoeding, spijt en meewerken kunnen strafverminderend werken. Laat je daarom tijdig adviseren door een strafrechtspecialist.
Rijden onder invloed is strafbaar in artikel 8 Wegenverkeerswet 1994. Het verbod geldt voor alle bestuurders - ook fietsers en bromfietsers - en ziet op alcohol, drugs en medicijnen die de rijvaardigheid kunnen beïnvloeden. De gemeten waarde bepaalt soort en zwaarte van de sanctie - vaak wordt afdoening met een transactie (boete) aangeboden. Bij een Adem-AlcoholGehalte (AAG) van 571 µg/L of meer, of een Bloed-AlcoholGehalte (BAG) van 1,31‰ of meer, vordert het Openbaar Ministerie een rijontzegging. Die kan variëren van 6 maanden voorwaardelijk tot 5 jaar onvoorwaardelijk; bij recidive verdubbeling tot maximaal 10 jaar. De politie mag een blaastest afnemen en op het bureau vervolgonderzoek doen - bij drugs of als blazen niet kan volgt bloedafname. Weigeren is strafbaar. Invordering van het rijbewijs kan direct volgen.
Na invordering door de politie wordt je rijbewijs doorgestuurd naar de officier van justitie of het Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (CVOM) in Utrecht. Binnen tien dagen wordt beslist of tot inhouding van het rijbewijs wordt overgegaan. Je zaak wordt normaal gesproken binnen ongeveer zes maanden afgedaan: bij de rechter of tijdens een officierzitting bij het Openbaar Ministerie. Je kunt die zitting afwachten, maar in de tussentijd is het zinvol een klaagschrift tegen de inhouding bij de rechtbank in te dienen - de rechter kan bepalen dat je je rijbewijs terugkrijgt tot aan de inhoudelijke behandeling. De rechter weegt, anders dan het OM, doorgaans zwaarder mee wat de omstandigheden van het geval en jouw persoonlijke situatie zijn. Na een gegrond klaagschrift wordt bij de inhoudelijke behandeling meestal niet nogmaals tot inhouding besloten, tenzij zich nieuwe, wezenlijke feiten voordoen.
In bepaalde situaties kan de politie je auto of motor in beslag nemen. Dat kan al bij AAG ≥ 571 µg/L in zaken op grond van art. 8 WvW, bij weigering mee te werken aan controle, of bij twee recidivegevallen binnen vijf jaar. Inbeslagname dient ter bewaring van bewijs of ter voorkoming van nieuwe feiten. Het voertuig gaat naar een depot; je krijgt een ontvangstbewijs en mag persoonlijke spullen meenemen. De kosten van takelen en opslag zijn voor rekening van de eigenaar en lopen per dag op. Je kunt om teruggave verzoeken; de rechter beoordeelt noodzaak en proportionaliteit, het belang van het voertuig (bijv. voor werk) en het risico op herhaling. Teruggave kan onder voorwaarden — borg, niet door jou laten besturen, gebruik door een andere bevoegde bestuurder. Is de eigenaar een derde, voeg eigendomsbewijzen toe.
Artikel 5 Wegenverkeerswet 1994 verbiedt gedrag dat gevaar veroorzaakt of verkeer (kan) hindert. Overtreding van art. 5 WvW is strafbaar met hechtenis tot twee maanden of een geldboete tot € 3.800. De rechter kan daarnaast een rijontzegging tot twee jaar opleggen, bij recidive tot vier jaar. Voorbeelden zijn zeer forse snelheidsovertredingen, agressieve manoeuvres, bumperkleven, inhalen waar dat verboden is, door rood rijden en handheld bellen. De beoordeling ziet op het geheel van omstandigheden en het beschikbare bewijs (beelden, sporen, getuigen). De politie kan je rijbewijs ter plekke innemen en de zaak aan de officier voorleggen - ook kan doorzending naar het CBR volgen voor beoordeling van rijgeschiktheid en -vaardigheid. Bij ongevallen of bijkomende feiten vallen maatregelen doorgaans zwaarder uit.
Na invordering door de politie wordt je rijbewijs doorgestuurd naar de officier van justitie of het Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (CVOM) in Utrecht. Binnen tien dagen wordt beslist of tot inhouding van het rijbewijs wordt overgegaan. Je zaak wordt normaal gesproken binnen ongeveer zes maanden afgedaan: bij de rechter of tijdens een officierzitting bij het Openbaar Ministerie. Je kunt die zitting afwachten, maar in de tussentijd is het zinvol een klaagschrift tegen de inhouding bij de rechtbank in te dienen — de rechter kan bepalen dat je je rijbewijs terugkrijgt tot aan de inhoudelijke behandeling. De rechter weegt, anders dan het OM, doorgaans zwaarder mee wat de omstandigheden van het geval en jouw persoonlijke situatie zijn. Na een gegrond klaagschrift wordt bij de inhoudelijke behandeling meestal niet nogmaals tot inhouding besloten.
Bij een eerste snelheidsovertreding tot 50 km/u te hard krijg je meestal een geldboete. Het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) stuurt een acceptgiro met een transactievoorstel. Betaal je op tijd, dan volgt geen verdere strafvervolging. Houd er wel rekening mee dat de overtreding in je Justitiële Documentatie wordt geregistreerd en bij een volgende soortgelijke overtreding als strafverzwarende omstandigheid kan gelden. Overschrijd je de maximumsnelheid met 50 km/u of meer, of is er sprake van recidive, dan wordt je rijbewijs ingevorderd. Houdt de politie je staande, dan is zij verplicht het rijbewijs in te nemen. Een rijontzegging kan variëren van enkele maanden tot een jaar of langer bij ernstige gevallen. Ernstige snelheidsovertredingen, al dan niet in combinatie met alcohol, drugs, medicijnen of een ongeval, kunnen ertoe leiden dat je zaak wordt doorgezonden naar het CBR.
Na invordering door de politie wordt je rijbewijs doorgestuurd naar de officier van justitie of het Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (CVOM) in Utrecht. Binnen tien dagen wordt beslist of tot inhouding van het rijbewijs wordt overgegaan. Je zaak wordt normaal gesproken binnen ongeveer zes maanden afgedaan: bij de rechter of tijdens een officierzitting bij het Openbaar Ministerie. Je kunt die zitting afwachten, maar in de tussentijd is het zinvol een klaagschrift tegen de inhouding bij de rechtbank in te dienen — de rechter kan bepalen dat je je rijbewijs terugkrijgt tot aan de inhoudelijke behandeling. De rechter weegt, anders dan het OM, doorgaans zwaarder mee wat de omstandigheden van het geval en jouw persoonlijke situatie zijn. Na een gegrond klaagschrift wordt bij de inhoudelijke behandeling meestal niet nogmaals tot inhouding besloten.
Bij overtreding van art. 8 WvW 1994 - rijden onder invloed - kan de politie je rijbewijs invorderen zodra de meting ≥ 1,31‰ BAG of ≥ 571 µg/L AAG uitwijst. Dit geldt ook als je de maximumsnelheid met meer dan 50 km/u overschrijdt, weigert mee te werken aan een adem- of bloedonderzoek, of wanneer sprake is van ernstige hinder of gevaar voor de verkeersveiligheid. Bij betrokkenheid bij een zwaar verkeersongeval kan eveneens tot invordering worden overgegaan. Word je staande gehouden wegens zo’n feit, dan is de politie wettelijk verplicht het rijbewijs af te nemen; vanaf dat moment mag je niet rijden. Rijden ondanks invordering is strafbaar en kan tot een zwaardere rijontzegging leiden. Bij ongevallen of recidive vallen sancties doorgaans zwaarder uit. De zaak gaat naar de officier van justitie; los van het straftraject kan een administratief traject bij het CBR starten voor beoordeling van rijgeschiktheid en eventuele maatregelen.
Na invordering door de politie wordt je rijbewijs doorgestuurd naar de officier van justitie of het Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (CVOM) in Utrecht. Binnen tien dagen wordt beslist of tot inhouding van het rijbewijs wordt overgegaan. Je zaak wordt normaal gesproken binnen ongeveer zes maanden afgedaan: bij de rechter of tijdens een officierzitting bij het Openbaar Ministerie. Je kunt die zitting afwachten, maar in de tussentijd is het zinvol een klaagschrift tegen de inhouding bij de rechtbank in te dienen — de rechter kan bepalen dat je je rijbewijs terugkrijgt tot aan de inhoudelijke behandeling. De rechter weegt, anders dan het OM, doorgaans zwaarder mee wat de omstandigheden van het geval en jouw persoonlijke situatie zijn. Na een gegrond klaagschrift wordt bij de inhoudelijke behandeling meestal niet nogmaals tot inhouding besloten.
Bij een ernstig verkeersongeval stellen politie en Openbaar Ministerie doorgaans een uitgebreid onderzoek in naar oorzaak en schuld. Dat dient niet alleen de afwikkeling van schade tussen betrokkenen, maar ook een strafrechtelijk doel. Als verkeersdeelnemer kun je je schuldig maken aan een misdrijf of overtreding, met name bij onvoorzichtig of roekeloos rijgedrag; bij een dodelijk slachtoffer kan een dagvaarding wegens dood door schuld volgen. In bepaalde situaties kan het OM je rijbewijs invorderen, bijvoorbeeld bij rijden onder invloed van alcohol, drugs en/of medicijnen die de rijvaardigheid verminderen. Verklaringen tijdens het eerste verhoor worden in een proces-verbaal vastgelegd en kunnen als bewijs dienen. Je hebt recht op cautie, je mag vragen onbeantwoord laten en het proces-verbaal laten voorlezen en corrigeren. Blijf bij de feiten, vermijd speculaties en leg geen stellige verklaringen af als je niet zeker bent - vage formuleringen bemoeilijken later de reconstructie.
Ben je bij een verkeersongeval betrokken, dan moet je ter plaatse blijven, hulp verlenen en wachten tot de politie arriveert. Het verlaten van de plaats van het ongeval is strafbaar. Art. 184 Wegenverkeerswet 1994 biedt echter een mogelijkheid: meld je binnen twaalf uur na het incident, maar vóór aanhouding of verhoor als verdachte, vrijwillig bij politie of justitie. Maak daarbij je identiteit, je voertuig en de omstandigheden van het voorval bekend. Noteer, voor zover veilig, gegevens van getuigen en maak foto’s van schade en sporen; geef geen commentaar op sociale media. Bewaar correspondentie, ontvangstbewijzen en het zaaknummer - dat versnelt de latere afwikkeling en helpt de toedracht te verifiëren. Handel rustig en zorgvuldig - volledige en consistente informatie beperkt misverstanden en onnodige risico’s.
+31 767 996 040
Samen met u komen wij tot de beste oplossing voor uw probleem
adres:Stationslaan 1a2, 4815 GW Breda
telefoon:+31 767 996 040
fax:+31 767 996 041
e-mail:info@sneepadvocaten.nl
adres:C/ Jorge Juan 28, 1° izq., 28001 Madrid
telefoon:+34 915 771 257
fax:+34 917 919 011
e-mail:info@sneepadvocaten.nl
adres:Świętego Urbana 2/3, 41-800 Zabrze
telefoon:+48 322 712 790
fax:+48 322 712 790
e-mail:info@sneepadvocaten.nl
Reglement:
Vind ons op:
Alle rechten voorbehouden webbox®
Gemaakt met obsessie door outsidebox®